Actieve betrokkenheid lokale mensen onmisbaar

‘Community-based governance’ als bestuursmodel past het beste bij het versterken en verduurzamen van de natuurlijke omgeving. Dat blijkt uit wetenschappelijk onderzoek naar de recente landschapsontwikkeling in Berg en Dal.

Onlangs verscheen een wetenschappelijk artikel van Lenny van Bussel (WUR) over de vraag welk bestuursmodel (governance) heeft bijgedragen aan de versterking van de landschapskwaliteit en de levering van zogenaamde eco-systeemdiensten door het landschap in de gemeente Berg en Dal. De periode van onderzoek bestrijkt de jaren 1995 – 2012. Voor ons als Via Natura een interessante vraag, omdat we zelf natuurlijk willen weten welke betekenis aan ons werk en ook dat van de Ploegdriever wordt toegekend door de onderzoekers. Alleen al daarom is het de moeite waard om kort op de conclusies van dit onderzoek in te gaan. Maar eerst een uitleg van twee centrale begrippen: governance en eco-systeemdiensten.

Governance gaat over het bestuursmodel: wie bepaalt de doelen, hoe wordt er aan die doelen gewerkt en wie controleert? In het begin van de onderzoeksperiode lag het zwaartepunt bij overheden (gemeente, staat) en semi-publieke instellingen (waterschap). Gaandeweg nam de betekenis van de inwoners van het gebied en hun organisaties toe en was er sprake van ‘community-based governance’ waarbij overheden met het publiek (inwoners en organisaties) en soms ook marktpartijen op lokaal niveau samenwerken.

Een tweede vakterm is eco-systeemdiensten. Wat wordt hiermee bedoeld? De onderzoekers hebben het praktisch vertaald in een aantal functies die het landschap heeft. Denk aan: agrarische productie (gewassen en veeteelt), waterbeheer, bestuiving, biodiversiteit, recreatie en toerisme, cultuur en erfgoed, kennisbron voor educatie.

De onderzoekers hebben in detail vastgesteld welke verschuivingen er tussen 1995 en 2012 hebben plaatsgevonden in deze eco-systeemdiensten. Dat hebben ze gedaan op basis van diverse kaarten en andere meetinstrumenten in combinatie met interviews. Een van de conclusies is dat het landgebruik multifunctioneler is geworden en dat de diverse eco-systeemfuncties verbeterd zijn. Opvallend hierbij is het belang van de kleinschalige landschapselementen die in het kader van het Landschap Ontwikkelingsplan (LOP) ‘Groene en Blauwe Diensten’ vanaf 2006 zijn gerealiseerd. Afgezet in een tijdlijn, zien we dat met name vanaf 2005 de meeste resultaten zijn behaald en dat dit vooral op het conto geschreven kan worden van de Ploegdriever en Via Natura. Dit bevestigt dan de betekenis van de ‘community-based governance’ als bestuursmodel dat het best past bij plannen gericht op het versterken en verduurzamen van onze natuurlijke omgeving. Of om het in de geest van Via Natura te zeggen: de basis voor succesvolle verandering ligt bij betrokken burgers zelf en hun organisaties, netwerken en kennis.

Het onderzoek laat zien dat in die bijna 20 jaar de functie (eco-systeemdienst) agrarische productie heeft ingeleverd op verschillende andere functies. Dat is op zichzelf geen verrassing. Veel belangrijker is de constatering dat het landschap in Berg en Dal door de inspanningen van velen geleidelijk een betere mix is geworden van landbouw, natuur, cultuurhistorie en recreatie. Duidelijk wordt ook dat er nog werk aan de winkel is om een aantal functies nog sterker te maken, denk aan waterbeheer en biodiversiteit. We weten nu op basis van wetenschappelijke feiten dat hiervoor de inzet en kracht van de bewoners met hun organisaties zelf doorslaggevend is. Meteen ook een les voor overheden die er dus goed aan doen om die burgers en hun initiatieven te faciliteren in het werken aan verbetering van de natuurlijke omgeving en dus zelf een stapje terug doen.

Lees het hele wetenschappelijke artikel via deze link.

actieve betrokkenheid

-------------------------- Locatie van het onderzoeksgebied en het landgebruik in Berg en Dal ------------------------------

Dit is een bericht van Via Natura (Ton Duffhues)

 

Nieuwsbrief Biodiversiteit